Iemand met dementie gedraagt zich soms anders dan vroeger: de persoon kan agressief of achterdochtig worden, plots weglopen, zich ongepast gedragen... Dat gedrag kan moeilijk zijn voor de persoon zelf én voor de omgeving. Met eenvoudige aanpassingen of hulpmiddelen kan je vaak rust en structuur brengen en het gedrag verminderen.
Hoe ga je om met veranderd gedrag bij dementie?
Iemand met dementie stelt veranderd gedrag meestal niet bewust en bedoelt dit niet persoonlijk. De persoon begrijpt sommige situaties niet meer goed en kan impulsief gedrag niet meer controleren.
Belangrijk om te weten: veranderd gedrag bij dementie heeft vaak een oorzaak. Misschien is er iets speciaals gebeurd of is er iets veranderd in de woonomgeving. Door de oorzaak te achterhalen en aan te pakken, kan het gedrag verminderen of zelfs verdwijnen. Soms kan je zo ook nieuw veranderd gedrag voorkomen.
Wat veroorzaakt veranderd gedrag bij dementie?
Veranderd gedrag is vaak een signaal dat er iets aan de hand is. Mogelijke oorzaken zijn:
- De aard en ernst van de dementie
- Pijn, vermoeidheid of een ander lichamelijk probleem
- Angst, stress of verwarring
- Veranderingen in de leefomgeving
- De manier waarop anderen omgaan met de persoon met dementie
Sommige mensen met dementie worden ook onrustiger in de late namiddag of avond. Dat noemen we ‘sundowning’. Een nachtlampje kan helpen om angst te verminderen.
Kan medicatie helpen?
Soms kan medicatie helpen om veranderd gedrag te verminderen. Maar medicatie heeft meestal bijwerkingen en is vaak geen goede oplossing op de lange termijn. Daarom is het belangrijk om eerst te onderzoeken wat het gedrag veroorzaakt en welke aanpassingen kunnen helpen. Soms zijn die aanpassingen voldoende. In andere situaties kan medicatie toch nog nodig zijn.
Hoe kom je de oorzaak van veranderd gedrag te weten?
Om veranderd gedrag beter te begrijpen, kan je de situatie analyseren aan de hand van de 3 W's.

Wat kan je doen bij veranderd gedrag?
- Blijf rustig en relativeer. Neem boos of agressief gedrag niet persoonlijk. Reageer kalm en doe iets leuks samen om de aandacht af te leiden.
- Gebruik humor. Benader gênante voorvallen met een vleugje humor, zonder terecht te wijzen of de persoon uit te lachen.
- Geef houvast en structuur. Zorg voor een dagelijkse routine met voldoende beweging. Dat geeft een persoon met dementie een veilig gevoel. Heb ook extra aandacht voor warmte en geborgenheid.
- Neem de tijd om dingen uit te leggen. Praat zacht en langzaam (maar niet op een kinderachtige toon), en gebruik korte zinnen.
- Overleg met je huisarts. Die bekijkt samen met jou hoe je het gedrag best aanpakt.
- Zoek praktische oplossingen. Via Solidaris kan je terecht bij een ergotherapeut die helpt om meer structuur, veiligheid en comfort te creëren in huis. In onze zorgwinkel vind je hulpmiddelen speciaal voor mensen met dementie.
Iemand met dementie stelt veranderd gedrag meestal niet bewust en bedoelt dit niet persoonlijk. De persoon begrijpt sommige situaties niet meer goed en kan impulsief gedrag niet meer controleren.
Belangrijk om te weten: veranderd gedrag bij dementie heeft vaak een oorzaak. Misschien is er iets speciaals gebeurd of is er iets veranderd in de woonomgeving. Door de oorzaak te achterhalen en aan te pakken, kan het gedrag verminderen of zelfs verdwijnen. Soms kan je zo ook nieuw veranderd gedrag voorkomen.
Wat veroorzaakt veranderd gedrag bij dementie?
Veranderd gedrag is vaak een signaal dat er iets aan de hand is. Mogelijke oorzaken zijn:
- De aard en ernst van de dementie
- Pijn, vermoeidheid of een ander lichamelijk probleem
- Angst, stress of verwarring
- Veranderingen in de leefomgeving
- De manier waarop anderen omgaan met de persoon met dementie
Sommige mensen met dementie worden ook onrustiger in de late namiddag of avond. Dat noemen we ‘sundowning’. Een nachtlampje kan helpen om angst te verminderen.
Kan medicatie helpen?
Soms kan medicatie helpen om veranderd gedrag te verminderen. Maar medicatie heeft meestal bijwerkingen en is vaak geen goede oplossing op de lange termijn. Daarom is het belangrijk om eerst te onderzoeken wat het gedrag veroorzaakt en welke aanpassingen kunnen helpen. Soms zijn die aanpassingen voldoende. In andere situaties kan medicatie toch nog nodig zijn.
Hoe kom je de oorzaak van veranderd gedrag te weten?
Om veranderd gedrag beter te begrijpen, kan je de situatie analyseren aan de hand van de 3 W's.

Wat kan je doen bij veranderd gedrag?
- Blijf rustig en relativeer. Neem boos of agressief gedrag niet persoonlijk. Reageer kalm en doe iets leuks samen om de aandacht af te leiden.
- Gebruik humor. Benader gênante voorvallen met een vleugje humor, zonder terecht te wijzen of de persoon uit te lachen.
- Geef houvast en structuur. Zorg voor een dagelijkse routine met voldoende beweging. Dat geeft een persoon met dementie een veilig gevoel. Heb ook extra aandacht voor warmte en geborgenheid.
- Neem de tijd om dingen uit te leggen. Praat zacht en langzaam (maar niet op een kinderachtige toon), en gebruik korte zinnen.
- Overleg met je huisarts. Die bekijkt samen met jou hoe je het gedrag best aanpakt.
- Zoek praktische oplossingen. Via Solidaris kan je terecht bij een ergotherapeut die helpt om meer structuur, veiligheid en comfort te creëren in huis. In onze zorgwinkel vind je hulpmiddelen speciaal voor mensen met dementie.