Na het verlies van zijn ouders en 2 broers schreef oorlogsjournalist Patrick Van Gompel (69) ‘Memoires vol leven en dood’. Uit dat boek groeide ook het toneelstuk ‘Doodgraag’. Hij praat over euthanasie, afscheid nemen, omgaan met verlies en waarom er meer openheid moet zijn over praten over de dood.
1. Je moeder koos voor euthanasie. Hoe beleefde je dat afscheid?
“Eigenlijk was het een positief en zelfs aangenaam traject, hoe vreemd dat misschien ook klinkt. Mijn moeder maakte de keuze voor euthanasie heel bewust. Ze was 92 jaar en je zou kunnen zeggen dat ze een goed, voltooid leven had. Lichamelijk ging het niet meer en ze had al jaren voordien duidelijk gemaakt wat ze wilde.”
“We konden er als gezin heel open over praten en haar kinderen stonden volledig achter haar keuze. Het was heel bijzonder om te zien hoe ze tot het einde zowel haar leven als haar dood in handen nam. Ze haalde als het ware alles uit de kast en liet zien wie ze was. Dat maakte het afscheid voor ons heel waardevol en het verdriet om haar overlijden lichter.”
“Het traject verliep wel niet helemaal zonder problemen. In het ziekenhuis stootten we op weerstand en dat maakte het moeilijker dan nodig. Ook daar schrijf ik over in mijn boek. Net daarom vind ik het belangrijk dat mensen op tijd nadenken over hun levenseinde en duidelijk maken wat ze zelf willen.”
2. Heeft de keuze van je moeder je kijk op je eigen levenseinde beïnvloed?
“Voor mij bestaat daar weinig twijfel over. Als het zover is en ik uitzichtloos lijd, wil ik ook zelf kunnen kiezen voor euthanasie. Mijn vrouw en onze zonen weten heel goed hoe ik daarover denk.”
“Ik ben natuurlijk al veel langer met de dood bezig. Als oorlogsverslaggever werkte ik jarenlang in conflictgebieden, waar ik een paar keer zelf in levensgevaar was. Die ervaringen doen je automatisch meer nadenken over de eindigheid van het leven.”
“Als je vaak geconfronteerd wordt met de dood, ga je ook anders kijken naar wat belangrijk is. Wanneer ik terugkwam uit een oorlogsgebied, leken veel dagelijkse problemen plots heel banaal. Je beseft dan opnieuw hoe goed we het hier eigenlijk hebben.”
“Ik vind het belangrijk om tijdig over je levenseinde na te denken, en erover te praten met de mensen die je graag ziet. Mijn moeder deed dat ook. Toen ze de keuze uiteindelijk maakte, was het voor niemand een verrassing. Die openheid wil ik zelf ook.”

3. Je schreef het boek ‘Memoires vol leven en dood’. Waarom moest dat er komen?
“Het voelde eigenlijk niet als een keuze. Ik wist dat ik de herinnering aan mijn gezin vroeg of laat op papier moest zetten. Mijn moeder koos voor euthanasie, en mijn vader en mijn 2 oudere broers zijn overleden aan longkanker. Toen mijn vader stierf, was er nog geen euthanasiewet. Bij mijn broers was de ziekte hen te snel af.”
“Terwijl ik om hun overlijden rouwde, reisde ik als oorlogsjournalist van het ene conflictgebied naar het andere. Die 2 werelden bestonden in mijn hoofd naast elkaar. Als journalist leer je jezelf af te sluiten en los te laten, anders kan je niet blijven functioneren.”
“Ik heb mezelf ooit aangeleerd om de USB-stick die je tijdens zo'n dag in je hoofd hebt volgeladen, 's avonds als het ware eruit te halen en op je nachtkastje te leggen. Dat klinkt misschien vreemd, maar soms moet je afstand kunnen nemen.”
“Het boek heeft een gelijkaardige opbouw. Ik wissel de herinnering aan mijn gezinsleden af met ervaringen uit oorlogsgebieden. Er is veel verdriet en verlies, maar ook veel liefde. En vooral goesting om te leven.”
4. Uit het boek groeide ook het toneelstuk ‘Doodgraag’. Wat mogen we verwachten?
“Het boek en het toneelstuk zijn eigenlijk in wisselwerking met elkaar ontstaan. Terwijl het boek focust op mijn persoonlijke ervaring, is ‘Doodgraag’ een fictief verhaal over de relatie tussen een moeder met dementie, die euthanasie wil, en haar zoon, een oorlogsverslaggever.”
“In theater kan je minder uitleggen dan in een boek, maar je kan des te meer suggereren. We houden het publiek een spiegel voor. Ik denk dat iedereen die komt kijken automatisch zijn eigen verhaal meebrengt en dat afweegt tegen wat er op het podium gebeurt.”
“Het gaat om een ernstig onderwerp, maar er zit tegelijk veel humor in. Dat vind ik belangrijk, ook in het boek. Tijdens het schrijven heb ik gehuild én gelachen. Soms tegelijkertijd.”
“Als het zover is en ik uitzichtloos lijd, wil ik ook zelf kunnen kiezen voor euthanasie”
5. Wat hoop je dat mensen meenemen uit je boek en toneelstuk?
“Dat we moeten durven praten over de dood, euthanasie en dementie. Het zijn onderwerpen die in onze maatschappij leven en waarover we het gesprek moeten blijven voeren.”
“Maar uiteindelijk gaat mijn verhaal misschien nog meer over het leven. Dat is zo kort, dus gebruik je tijd om te houden van de mensen die je graag ziet.”
“Ik mis mijn broers elke dag, maar je moet een manier vinden om met dat verlies om te gaan. Het leven gaat voort. Koester je kinderen, je kleinkinderen en de mensen om je heen. Geniet van elke dag die je hebt.”